Zoek!

'Opbeurende' kritieken

"Nathalie Huigsloot kan beter haar geld op haar rug verdienen!"








26 Nov '09 - 1697 W, 1 I - + 34 - 30

DE TRANEN VAN MARTIN SIMEK

Na veertien jaar bij de RVU kreeg Martin Simek (60) ineens te horen dat zijn radioprogramma ‘Simek ‘s nachts’ per januari moet stoppen.

Hoe hoorde je het? Kreeg je een telefoontje?
Ik ben graag spontaan, maar hier kan ik niet spontaan op antwoorden. Terwijl ik toch uit Tsjechië ben gevlucht om spontaan te kunnen zijn. Maar ik ben nog met de RVU in gesprek over hoe we afscheid van elkaar nemen en dat is niet het moment om over RVU te praten. Het enige wat ik kan zeggen is: ik heb het niet bedacht.

Zag je het aankomen?
Dat is net als tegen Matthijs van Nieuwkerk zeggen: “Zie je het aankomen dat iemand je gaat bellen met de mededeling dat je in februari stopt met DWDD?” Nee, natuurlijk niet. Dat is krankzinnig. Het is publieke omroep hè, dan moet toch het publiek beslissen? De luistercijfers van mijn programma zijn heel goed, en dat zijn ze al jaren. Bij het laatste luisteronderzoek waren ‘Simek ‘s nachts’ en ‘Langs de Lijn’ de enige twee programma’s op Radio 1 die hun target hebben gehaald. Dus dan verwacht je niet dat zo’n programma weg moet. Daar zit geen enkele logica in.

Kun je wel vertellen hoe je reageerde in het gesprek waarin je het bericht hoorde?

Dat was geen gesprek. Je moet het zo zien. Je bent veertien jaar met iemand en dan zegt je partner ineens: “over 2,5 maand hoef je niet meer thuis te komen.” Er is geen ruzie geweest, het gaat goed, de buren zeggen: “Het is een heel gezellige familie, zij houden veel van elkaar en ze lopen hand in hand en ze stralen.” Ja... zo moet je je dat voorstellen.

Heb je een traan gelaten?
Het is niet treurig voor mij dat radio stopt. Het is treurig dat het systeem zo werkt. Dat beangstigt me. Het zou treurig zijn voor mijn kinderen als ze in zo’n systeem moeten leven. Dus ik was veel meer boos dan dat ik een traan liet.

Ben je nu nog boos?
Ik ben nog te boos om erover te praten. Omdat het doet denken aan willekeur. En dan komt het bij mij heel dichtbij, want dat is waarom ik als 19-jarige jongen gevlucht ben. Een heleboel jongens en meisjes gaan op die leeftijd studeren in het buitenland, dat is juist fantastisch. Maar niet als je dat moet doen omdat er tanks in Praag staan. Omdat de Russen in in je land staan. Dan is het niet je eigen keuze, maar willekeur. En zo voelt het nu ook. Als ik iemands leven zou kunnen redden door niet meer op de radio te zijn, zou ik er vrede mee hebben. Maar niet zo. Niet uit willekeur.

Nadat het bericht kwam dat je weg moest, sprong Hanneke Groenteman voor je op de barricaden. Vond je dat niet een beetje incestueus aangezien haar zoon jouw regisseur is?
Zo denk ik totaal niet. Dat betekent namelijk dat je klein denkt. Want jij doet alsof die vrouw niet professioneel is. Die vrouw is natuurlijk behalve moeder ook een prof. En ik vind het dus heel sterk van Hanneke Groenteman dat ze ondanks het feit dat Gijs voor mij werkt, dat gewoon heeft gedaan. En ook andere mensen steunen mij, Matthijs van Nieuwkerk heeft een tijd geleden in een blad gezegd dat ik de beste interviewer op de radio ben. En Cornald Maas stuurde mij een smsje met de tekst: ‘Simek moet blijven. Leve de authenticiteit!’ Maar laten wij over andere dingen praten dan het afscheid van de RVU, het is zo’n gezeur. En hou dat deel ook kort in je interview, ik heb in mijn televisieprogramma's ook altijd dingen eruit gesneden als gasten dat wilden.

Onlangs vertelde Karin Bloemen in deze gids dat ze getraumatiseerd is door een interview met jou waarin ze alleen maar heeft zitten huilen omdat ze zich beledigd voelde. Toen ze uit alle macht probeerde de uitzending te voorkomen, is dat haar niet gelukt...
Daar heb ik niks van meegekregen. Ik heb ook niets gehoord van haar. Ik herinner me alleen de foto die we na het gesprek voor de televisiegidsen hebben genomen. Op die foto legt zij haar hoofd op mijn schouder, en lacht. Als ik het gevoel had gehad dat zij getraumatiseerd werd tijdens het gesprek, dan had ik wel gezegd: “Zullen wij stoppen?” Maar het was een heel fair en heel mooi gesprek. Het enige waarin ik misschien te ver ben gegaan, is dat ik zei dat ik haar zingen niet mooi vond. Maar dat heb ik oprecht gezegd. En toen kwam er een prachtig interview waarin ze moest huilen en heel oprecht was, fan-tast-tisch! Misschien dacht Karin dat ze een optreden kwam doen, maar mijn programma is een interview. Dat zie je vaak bij mensen die gewend zijn aan publiek, die komen onbewust met een act, en als ik die dan doorprik, komt het soms hard aan.

Ben je door de jaren anders gaan interviewen?

Ja, dat is heel erg veranderd. In het begin ging ik totaal onvoorbereid het interview in omdat al die snel opgedane kennis mij alleen maar in de weg zat. Daardoor kon ik niet authentiek interviewen. Die puurheid had iets heel aandoenlijks. Zo durfde ik tegen Jan Wolkers te zeggen: “Ik heb niks van u gelezen, help me alstublieft.” En dat deed hij. Als ik die oude uitzendingen hoor, dan ontroert het me bijna. Dan denk ik: wat was ik een schatje. Een lieve oen. Nu ben ik professioneler en bereid ik me voor, want nu gaat het niet meer ten koste van mijn spontaniteit.

Ben je inmiddels al een ‘Paul Witteman met gevoel’ geworden?

Vergelijken is de domste manier van waarnemen.

Je zei het zelf een keer in een interview: ‘Als ik op mijn 32-ste al met televisie was begonnen, dan had Nederland nu een Pauw Witteman met gevoel...
Dat denk ik wel, ja. Maar toen had Paul Witteman nog geen gevoel en nu wel. Destijds liet hij zijn gevoel niet toe, omdat hij daar niet het geschikte programma voor had. Dat vond ik heel jammer. Ik heb in Paul Witteman altijd de interviewer die hij nu is. Ik denk dat de invloed van Jeroen Pauw op hem heel bevrijdend heeft gewerkt. Want ik vind Paul stukken beter dan ooit.

Jij bent een stuk breedsprakiger dan Paul Witteman. Heb je dat wel eens geprobeerd in te perken?

Als je wilt dat iemand je iets vertelt moet je jezelf ook openstellen. Soms denken mensen dat ik ermee koketteer dat ik slecht Nederlands spreek, maar dat is niet zo. Hetzelfde geldt voor aanraken. Dat doe ik automatisch. Ik kom uit een land waar aanraken normaal is, en daar komt nog bij dat ik in het Nederlands soms bang ben de nuance te missen. Met een aanraking kan ik laten voelen dat ik het goed bedoel, dat het gewoon grapje is.

Heb je in het Tsjechisch ook altijd zo veel woorden nodig om iets te zeggen?
Nee absoluut niet. In mijn moedertaal ben ik heel to the point. In het Tsjechisch ben ik Matthijs van Nieuwkerk. Jajajajaja. Als één woord genoeg is om elkaar te begrijpen, is dat heerlijk. Alleen met Nederlanders gaat me dat moeilijker af.

Roept je vrouw wel eens wanhopig: “Martin, effe concreet nou, waar liggen de koffiefilters?”
Ik praat thuis bijna niet. Ik praat privé überhaupt weinig. Ik luister liever. Zoals iemand vlinders verzamelt, zo verzamel ik bijzondere ervaringen van mensen. Soms interview ik vijftig minuten, zonder te weten waar het naartoe gaat, alleen maar op zoek naar iets kostbaars. Naar dat ene moment van waarachtigheid. Ooit heb ik een transseksueel geïnterviewd. Daarna zei een dierbare die het interview had gehoord tegen me: “Eindelijk begrijp ik mijn vader nu...”, en brak..... (er vallen tranen uit Martin Simeks ogen, red.). ....En dat soort dingen maak ik vaker mee. Een jongen van 17 die door mijn uitzending eindelijk in gesprek raakte met zijn ouders. Een meisje dat echt contact kreeg met haar moeder. Dat is natuurlijk fantastisch. Voor mij is dat succes.

Waarom raak je zo geëmotioneerd als je iets voor iemand hebt kunnen betekenen?
Met die vraag raak je mijn kern. Daarmee bewijs je dat je heel goed luistert. Want dat is inderdaad... (Bijna onverstaanbaar fluisterend door de huilbui heen, red.)....Omdat heel veel mensen heel veel voor mij hebben gedaan... en voor hen kan ik niks meer doen... Mensen kunnen doorslaggevend zijn in je leven. Zoals Nol van Dijk van NRC Handelsblad die pas is overleden. Ik was wanhopig op zoek naar een baan want ik wilde niet in de WW. Ik was enorm tegen de WW. Ik heb zelfs een keer tegen een meisje gezegd: “Sorry, ik vrij niet met meisjes die in de bijstand zitten”. Dus blufte ik dat ik een Tsjechische tekenaar was. Ik zie hem nog staan, een kleine Joodse man die veel van zijn familie heeft verloren in de concentratiekampen. Nieuwsgierig maakte hij mijn map met tekeningen open en toen zag ik de verbijstering op zijn gezicht. Want ja, dat had met tekenen niks te maken. Ik had nooit eerder getekend behalve op beslagen ramen. Maar toch zei hij: "Je mag volgende week beginnen/" Als Jood begreep hij de moed der wanhoop. Zo hebben heel veel mensen iets voor mij gedaan. Soms kon iemand vragen: “Wat kookte je moeder voor je? Als je moeder een recept stuurt, dan maken wij dat voor jou.” Dat soort menselijke dingen hebben mij altijd enorm geraakt. Ik had geluk dat veel mensen van me hebben gehouden, dat de mensen aandacht voor me hadden. En daarom dacht ik toen ik zendtijd had: nu wil ik iets voor anderen doen. Want het emotioneert mij dat dat te weinig gebeurt in de wereld. Daarom zou ik heel blij zijn als er iemand komt en ik op radio door kan gaan met interviews van een uur. Dan zou ik echt heel blij zijn.